Aanleiding

Voor een langere periode had de gemeente De Bilt behoefte aan tijdelijk personeel. Door tijdelijke uitval had de gemeente behoefte aan extra capaciteit van een allround adviseur stedelijke ontwikkeling – planologie die zich richt op de afhandeling en begeleiding van private en particuliere ontwikkelingen en daarvoor een eenduidige aanpak op te zetten. Hiervoor hadden ze voor circa 3 dagen per week capaciteit nodig.

Meer concreet was capaciteit nodig voor de afhandeling van principe verzoeken, advies bij verschillende gemeentelijke projecten en het begeleiden van particuliere initiatieven, het opstellen van anterieure overeenkomsten en het begeleiden van bestemmingsplannen. Daarnaast was het nodig om overzicht te creëren in de verschillende lopende projecten en de samenhang daarin, zodat de planvoorraad gemonitord kon worden.

De plannen waren zeer divers van aard en verkeerden in diverse planfases. Een greep hieruit:

  • De uitbreiding van een supermarkt in bestaand bebouwd gebied.
  • De inpassing van een onderdoorgang onder het spoor Utrecht – Amersfoort.
  • De inpassing van seniorenwoningen in het centrum van Bilthoven nabij het spoor.
  • Uitplaatsing van bedrijven naar een nieuw bedrijvenpark waarbij de achterliggende locaties herontwikkeld kunnen worden.
  • De herontwikkeling van een school tot kindercluster, met buitenschoolse opvang, peuterspeelzaal, inclusief herinrichting van het gebied.
  • De herontwikkeling van een spoorgerelateerd bedrijventerrein tot een science gericht gebied.

Aanpak

Al deze plannen hadden ook het nodige met elkaar gemeen. De Bilt is een erg groene gemeente en heeft weinig uitbreidingsruimte. Alle ontwikkelingen betekenen een intensivering van het bestaand stedelijk gebied. Projecten zijn ook van elkaar afhankelijk en wachten op elkaar. Stokt door procedures het eerste plan, dan heeft dat direct gevolgen voor het andere plan. Ook zat de tijd niet mee.

In eerste instantie zijn alle projecten inzichtelijk gemaakt door het opstellen van een projectenboek waarbij planstatus, programma en afsprakenkader werden vastgelegd. Ook is daarbij vastgesteld welke projecten van elkaar afhankelijk waren en zijn er koppelingen tussen deze projecten benoemd.

Voor alle projecten zijn civielrechtelijke (anterieure overeenkomsten) afspraken gemaakt, zodat er basis was voor het starten van planologische procedures. Hierdoor ontstond ook een prioritering in de projecten. Elk project kreeg een intakegesprek. Per project werd benoemd welke noodzakelijke onderzoeken er waren om te komen tot de planologische status van een vastgesteld bestemmingsplan. De lijst werd bijgehouden in het tweewekelijkse toetsteam voor particuliere initiatieven.

Resultaat

Het projectenboek wordt elk half jaar geactualiseerd. Het vormt tevens de basis voor overleggen met de gemeenteraad en provincie en initiatiefnemers. Het maakt ook inzichtelijk waar capaciteitsvraagstukken in de organisatie komen te liggen. Op transparante wijze kunnen keuzes zichtbaar worden gemaakt.