Slow urbanism, hot or not?

Slow urbanism, hot or not? 

Slow urbanism, wie kent het niet? In heel veel plannen wordt er over gesproken, net als over stedelijke accupunctuur, bottom-up initiatieven, organische ontwikkeling, Citta Slow (zie figuur Slow Urbanism, de mindmap). Kenmerken zijn een centralere positie voor de eindgebruikers, ook als nieuwe spelers in het veld van veranderende verhoudingen tussen overheden en markt, nieuwe verdienmodellen, anders bestemmen met opgerekte termijnen, mede door de Crisis en Herstelwet. En de wens van de overheid om regie te houden. Maar waarover eigenlijk? En gaan we niet op korte termijn weer terug naar de praktijk van voor 2008? Deze zomer willen we deze onderwerpen verder onderzoeken.

Einde van de VINEX

De echte grote geplande stadsontwikkelingsprojecten zijn de afgelopen jaren tot stilstand gekomen en verdwenen. Er is de afgelopen jaren een andere wind gaan waaien in de gebiedsontwikkeling. Projecten zijn langzamer of niet tot stand gekomen. Er zijn minder woningen gebouwd en er zijn andere invullingen voor locaties gekomen. Door de financiële crisis zijn projecten stil komen te liggen en niet tot uitvoering gekomen. Het Bottom-up-initiatief is het credo geworden. Mooie kansen zijn van onderaf ontstaan, zowel in stedelijke gebieden als in krimpgebieden, met tijdelijke en definitieve invullingen. Vaak worden buitenlandse voorbeelden aangehaald ter inspiratie hoe het zou kunnen.

Dergelijke plannen worden voorzien van het stempel slow urbanism. Hoewel we ook sinds 2011 weten dat stedelijke ontwikkelingsprojecten überhaupt trager gaan. Is slow urbanism dan niet anders dan vertraagde geplande projecten? Of is er een nieuwe definitie gekomen? Wij gaan op zoek naar meer duidelijkheid hierover.

Denkt u mee?

Dus wat is slow urbanism nu eigenlijk? Voor welke voorbeelden en initiatieven gaat slow urbanism als mechanisme of methodiek ook echt op? En wat vindt u ervan? Hierover gaan we met elkaar in gesprek.

Maarten Bosman, Natascha Krömer, Ellen Klein Gunnewiek en Mark Verhijde organiseren deze zomer enkele discussies en bijeenkomsten voor verdere verkenning van deze thema’s. Ook willen we enkele Duitse voorbeelden onderzoeken door met elkaar gezamenlijk naar Berlijn te gaan. Wilt u meedoen in dit gesprek, stuur dan een bericht naar Acquire Publishing.

slow-urbanism

Prinzessinnengarten, Badeschiff und mehr

Berlijn is een vaak gebruikt voorbeeld voor bottom-up initiatieven en slow urbanism. Er zijn veel voorbeelden te geven. Hierbij geven we twee hot topic voorbeelden die nieuwe betekenis geven voor bijzondere plekken in Berlijn. Daarnaast gaan we kort in op welk beleid de overheid daarvoor voert.

Nomadisch Grün in Prinzessinnengarten

In Prinzessinnengarten is de verenging Nomadisch Grün. De plek was meer dan zestig jaar een gat in het stedelijk weefsel. Het is een zeer stedelijke wijk met zeer weinig groen en veel sociale problemen. Bewoners, van jong tot oud kunnen lokaal producten verbouwen. De tuin is mobiel. Planten groeien in dozen en tetrapaks en containers zodat ze makkelijk verplaatsbaar zijn.

De investeringen worden bekostigd door de activiteiten die worden uitgevoerd op de locatie. De vereniging betaalt 2300 euro per maand voor het gebruik van de grond. Om opbrengsten te genereren organiseren zij worden workshops en culturele activiteiten opgezet. Ook is er een Gartencafé.

Badeschiff Berlin

De oevers van de Spree waren lange tijd volgebouwd met restanten van oude DDR fabrieken en slecht begaanbaar. De oevers waren niet de aantrekkelijkste plek voor de stad. Een vernieuwend project moest ervoor zorgen dat de Spree meer betekenis aan de plek zou geven. Er is een prijsvraag uitgeschreven. . Susanne Lorenz bedacht dat drijvende goederencontainers als zwembad voor de stad konden dienen. Sinds 2004 is het vechten voor een plek op warme zonnige dagen.

De Berlijnse dynamiek 

De economie bloeit op dit moment in Berlijn. Na de val van de Berlijnse muur is er veel in Berlijn gebouwd. Tussen 2001 en 2006 was er in Duitsland een economische crisis. Sinds 2011/2012 trekt de Duitse economie enorm aan in grote steden en agglomeraties. Op dit moment wordt er erg veel gebouwd. Er is een tekort aan woningen omdat tussen 2000 en 2010 te weinig is gerealiseerd. Door de inflatie is het juist nu aantrekkelijk om een eigen huis te bouwen in plaats van veel te sparen. De Nederlandse en Duitse economie zijn dan ook niet geheel vergelijkbaar.

Er is berekend dat Berlijn tot 2030 zeker 30.000 woningen per jaar nodig heeft. Dat is een enorme bouwproductie. Afgelopen drie jaar groeide het aantal inwoners in de stad met 175.000 inwoners. Het is gewild wonen in het binnenstedelijk gebied. De prijzen stijgen en veel buitenlanders willen ook een woning kopen. De vraag is dan ook hoe Berlijn woningen betaalbaar kan houden voor alle bewoners.

BerlinStrategie – Berlin 2030 (StEK 2030)

Berlijn zet in om met elkaar de stad te ontwikkelen. Met Stadtforum 2030 (participatieproject) zijn bewoners op diverse locaties binnen Berlijn aan de slag gegaan met mensen uit de politiek, wetenschap en sociale gemeenschappen om een nieuwe strategie te ontwikkelen. Hiervoor zijn verschillende sporen ontwikkeld.

Op braakliggende terreinen zijn tal van initiatieven door burgerinitiatieven. Er zijn ‘Baugruppen’ die bezig zijn met de Selfmate city. Er zijn creatieve ondernemingen die open gaten in stedelijk weefsel (Baulücken) tijdelijk bebouwen. Oude industriegebouwen worden getransformeerd zoals Planet Modulor, Betahaus, Markthalle 9 en Badeschiff in de Spree. Ook zijn er partijen die evenementen en festivals organiseren op vliegveld Tempelhof zoals Makecity for architectur and urban alternatives. De overheid stimuleert burgerparticipatie door actie bewoners actie te laten nemen.

nieuwe business modellen

Waarom nieuwe business modellen werken

Eigenlijk ben je best goed bezig als je problemen met de fiscus krijgt…..

Dit waren één van de openingswoorden van prof. dr. Jan Jonker tijdens de bijeenkomst over circular thinking op het Industriepark Kleefse Waard. Het valt dan ook niet mee voor de gevestigde orde om nieuwe business modellen te weerstaan.

Het Industriepark Kleefse Waard is een voormalige industrielocatie die de gemeente heeft gekocht en die nu in handen is van Schipper Bosch. Je komt niet zomaar op het terrein wanneer je er geen afspraak hebt. Het is gated met en groot hek erom heen en een poortwachter. Wat er precies allemaal achter het hek is, is vanaf de straat niet helemaal duidelijk. Er zitten allerlei duurzame en innovatieve bedrijven op het terrein. De flyer zegt dat het meer is dan dat. Zo is er ook een parkrestaurant en kan de locatie ingezet worden als evenementenlocatie en zijn er nog bedrijfsruimtes te huur.
Bij het oprijden van het park wordt het al duidelijk. Er staat een groot windmolenpark met 135 kleine windmolens. De parkeerplaats is volledig ingericht met elektrische oplaadpunten, zodat ik mijn elektrische auto kan opladen. Handig bij het wegrijden. Het ontvangst met een glas tarwegras, weer een ervaring rijker. Kan echt van mijn bucketlist af.

Het gaat om de jatbare concepten!

Jan Jonker vertelt vandaag over zijn nieuwe boek Nieuwe Business Modellen. Hij zegt dat het vooral gaat over het maken van nieuwe en ongebruikelijke verbindingen. Door meer samen te werken ontstaan er nieuwe vormen van waardecreatie. Dit is een probleem voor de gevestigde orde, waarbij alleen de focus ligt op het eigen product en de eigen organisatie. De kans bestaat dat de bestaande orde met hoge snelheid wordt ingehaald wanneer de gebruikers van de producten een meerwaarde ontdekken in het product van de nieuwe generatie. De voorbeelden zijn al legio. Een korte opsomming van 4 initiatieven.

Thuisafgehaald

Thuisafgehaald is een initiatief waar je eten kunt delen. Je kookt iets meer, ook voor je buren en je krijgt er een kleine vergoeding voor van diegene die het eten komt ophalen. Het bestaat nu enkele jaren en het heeft meer dan 300.000 gebruikers. Het is mogelijk een grote concurrent voor de gevestigde horeca. En hoe moet je dan eigenlijk omgaan met de regels op het gebied van hygiëne wanneer je eten aan derden verkoopt? Mooie vragen… Er geldt geen HCCP. Wie wil daar nu niet op adverteren? De Lidl in elk geval wel, zo zag ik vanmorgen op de site.

Uber

Uber [hierbij de link]  is een groot platform van chauffeurs die in een eigen auto mensen vervoeren. Het is een soort van taxibedrijf. Mensen kunnen met een eigen auto chauffeur worden. Via een app kun je een locatie opgeven en je kunt met gps volgen of je route wel kort is. Met creditcard betaal je via Uber. De Uberorganisatie pakt een stukje commissie en de chauffeur krijgt betaald via Uber. De taxibranche is er niet geheel blij mee. Voor het decembernummer van het blad Verkeer in Beeld van Acquire Publising heb ik daar een speciaal artikel over geschreven hoe dat in de Utrechtse taxiwereld zit. Eduard Ravenhorst van Taxikeur Utrecht ziet het in elk geval niet als belemmering. Wil je hierover meer weten en het artikel lezen dan moet je nog even wachten tot 19 december. Stuur me in elk geval een mail als je het artikel wilt lezen, dan stuur ik een bericht wanneer het zover is.

Airbnb

Airbnb is een groot netwerk van mensen die een kamer over hebben die zij willen verhuren aan mensen die de stad willen bezoeken. Airbnb is groot en komt op steeds meer plekken voor. Op de site lees je wie welke kamer aanbied tegen welke prijs. Het verhaal erachter is ook erg mooi. Tijdens een congres in Amerika was er een tekort aan hotelkamers. Enkele studenten zagen dit als kans, zij boden een luchtbed met ontbijt aan om te overnachten. Door het achterlaten van reviews kun je de ervaringen lezen en krijg je vertrouwen in je mogelijke aankoop / overnachting.

Peerby

Onlangs heb ik ook Peerby gebruikt. Op Peerby kun je spullen van elkaar lenen. Natuurlijk heb je van alles in je schuur. Jan Jonker gaf aan dat een goede boormachine gemiddeld 6 minuten wordt gebruikt in zijn hele boormachineloopbaan. Zonde natuurlijk om zo’n duur apparaat dan niet met je buren te delen. Ook zouden wasmachines beter benut kunnen worden. Zelf wilde ik vorige week erwtensoep maken en ik had een grote pan nodig. Binnen 30 minuten kon ik bij 2 mensen 3 straten verderop in Arnhem een pan lenen. Aan de deur maakten we even een afspraak in welke staat ik de pan terug zou brengen.

BBO-model

Wat in al deze modellen anders is, is de verhouding tussen burgers, bedrijven en overheid. Er ontstaan door bewoners nieuwe producten die eigenlijk vanuit een idee aan het prutsen zijn geslagen om iets slimmer te maken voor een bepaalde doelgroep. Hierdoor ontstaan nieuwe producten of diensten die oude aanbieders kunnen vervangen. Dit kan natuurlijk heel snel gaan zoals je hierboven las. Ook is de vraag hoe de gevestigde orde hierop nog kan en zal reageren, behalve met het voeren van rechtzaken. Zijn ze snel genoeg om zichzelf aan te passen? Natuurlijk passen deze nieuwe producten niet altijd binnen de regels van de overheid. Zelf kwamen Mark Verhijde en ik dat tegen tijdens het schrijven van de publicatie Regel die burgerinitiatieven tegen in het domein van de speeltoestellenwereld. Op het gebied van spelen zijn daarover mooie voorbeelden te geven. Daarvoor verwijs ik even door naar de blog van Mark, “Doe mijn maar een burgerinitiatief!”.

Beppie: This is your wake-up call!!

Zelf ben ik ook aan het pielen geslagen met overheidsbesluiten. Ik ontdekte als planoloog dat het voor bewoners en bedrijven verdomde ingewikkeld is geworden om alle besluiten van de overheid te kunnen volgen. Met regelmaat word ik gevraagd om plaatselijke publicaties te volgen omdat mijn opdrachtgever (bijvoorbeeld een horeca exploitant), omdat hun expertise daar niet ligt. Vaak struin in ik dan wekelijks de voor mij bekende locaties af op internet. Sinds 1 januari 2014 is de overheid namelijk niet meer verplicht hierover in het plaatselijke suffertje te publiceren. Tegelijkertijd weet de overheid het zichzelf zo moeilijk te maken die dingen onvindbaar weg te zetten op hun eigen sites.
Samen met een ict-er heb ik een slimme zoekmachine gemaakt, namelijk Beppie ‘t bekendmakingsappie. Als je een mailadres en postcode meegeeft, krijg je wekelijks alle publicaties per mail thuis in je postcodegebied. De betaversie staat online op www.beppieweb.nl. Wanneer jij je inschrijft ontvang je maandag gratis de eerste weekbrief. Ook hebben we een appje gemaakt (Beppie bekendmakingen in de appstore). Zonder promotie krijgen we al wekelijks 30 aanmeldingen. Wij prutsen nog wat aan ons businessmodel hoe we geld zouden kunnen verdienen, maar dat vinden we niet het belangrijkste op dit moment. De energie die we eruit halen is enorm en we krijgen veel waardering van de gebruikers. Mocht je hier ideeën over hebben, neem contact met me op, we kijken hoe je kunt meedoen.

Het boek Nieuwe business modellen van Jan Jonker (red.)

Het boek is enorm dik. Ik ben er snel even doorheen gegaan en het nodigt zeker uit, met een duidelijke oproep van denken naar doen! Ruim 250 pagina’s met allemaal schema’s, tips en mooie voorbeelden. Zo heb ik weer wat te lezen onder de kerstboom. Ik zal het boek ook zeker meenemen naar mijn presentatie komende week op de HAN. Mocht iemand het willen lenen, stuur me een berichtje. Het boek Nieuwe Business Modellen heeft ook een isbn nummer en is denk ik binnenkort wel te bestellen [isbn 9789462200869]. En zal er later in een blog nog weer eens aandacht aan besteden.

Wil je meer blogs van me lezen, laat dan even je mailadres achter.

[contact-form-7 id=”650″ title=”Contact”]

Roof Garden Arnhem

Hoe regel je een daktuin op een parkeergarage?

De nieuwe Straatbeeld november 2014 van Acquire publishing is uit met artikel over Roof Garden Arnhem. De artikelen die Mark Verhijde en ik schrijven gaan over het snijvlak van initiatieven van bewoners van de stad en vraagstukken die dat geeft voor de overheid. Op het dak van de parkeergarage spraken wij met de initiatiefnemer en filmmaker Maarten van der Wolf. Daarnaast hoorden wij ook het enthousiaste verhaal van Betty Jacobi, bestuursadviseur en makelaar duurzame initiatieven van de gemeente Arnhem. Zij vertelde haarfijn hoe zij op zoek is naar succes bij dergelijke initiatieven. Voor het artikel hebben we gebruik kunnen maken van foto’s van Masha Bakker Photography.

Lees hier het hele artikel

bottom-up initatief arnhem

pakhuis de zwijger

Van wie is de Zaancorridor

Who owns the city? – Samen plaats maken!

Hoe geniaal is de vraag buiten op het bord bij binnenkomst van Pakhuis De Zwijger in Amsterdam. En hoe weinig kwam dit terug tijdens de sessies. In het Pakhuis De Zwijger is een oploop over de hoe openbaar vervoerknooppunten zich beter kunnen ontwikkelen langs het spoor in Noord-Holland en hoe die doorontwikkeling precies moet plaatsvinden en met een specifiekere focus op de Zaancorridor, de lijn van Amsterdam naar Alkmaar. De organisatie ligt bij de provincie, als vervolg op het onderzoek Maak Plaats van Vereniging Deltametropool voor knooppuntontwikkelingen, ook wel TOD afgekort (Transit Oriented Development. De zaal zat vol met professionals uit het vak, ProRail, NS en gemeenten zijn van de partij. Felix Rottenberg leidde bijeenkomst scherp, met enig cynisme en zorgvuldig. Hierbij een kort verslag.

 Groen of rood?

Tjeerd Talsma hield een vurige inleiding over wat de stand van zaken was en welke stappen er afgelopen jaar zijn ondernomen. De provincie Nood-Holland heeft nog een flinke woningbouwopgave van circa 300.000 woningen. Dat is ongeveer een stad ter grootte van Haarlem. De opgave ligt met name in het zuidelijk deel van Noord-Holland. Tegelijkertijd gelden er voor het zuidelijk deel van Noord-Holland zware restricties om kernen nog uit te kunnen breiden. Schiphol, natuur en andere belemmeringen maken uitbreiding niet mogelijk. De echte woningbouwontwikkeling neemt door de jaren heen gestaag af. De opgave om te gaan bouwen wordt steeds urgenter. In 2013 zijn voor 4.000 woningen in Noord-Holland een omgevingsvergunning bouwen verleend, in 2006 waren dat er nog 16.000 woningen. Een flinke afname.

Maak Plaats – Vereniging Deltametropool

Omdat de opgave niet in de uitbreiding gezocht kan worden, is de inzet om de opgave zoveel mogelijk binnenstedelijk op te vangen. In de Maakplaats studie van Vereniging Deltametropool zijn cirkels rondom stations getrokken van 1.200 meter. Alle projecten daarbinnen zijn geïnventariseerd. Het ontwikkelen nabij stations heeft als voordeel dat het openbaar vervoer in de Metropoolregio anders ingezet kan worden, zo is de ambitie. NS wil graag tegenstromen organiseren op de inkomende pendel organiseren en vraagt zich af hoe dat kan ontstaan. De belangen lopen uiteen.

IMAG1456

 

Joe Public uit Perth

Als gastspreker was professor Carey Curtis uit Perth aanwezig. Ze is professor op het gebied van cityplanning en transport bij de universiteit. Ze deelt haar mooie ervaringen uit Perth. Ze was verrast dat ze een inleiding mocht geven. Zelf gaf ze aan dat Nederland toch wel haar voorbeeld was hoe het ordelijk georganiseerd en geregeld is. In haar praktijk waren ze ook met TOD bezig geweest, maar hoe krijg je nu verdichting rond stations in Australië.
Voor Perth zijn de machten versnipperd. Doordat er een extra minster was gekomen voor ruimtelijke ordening en transport zijn de machten uit elkaar getrokken en dat gaf meer uiteenlopende belangen. In haar analyse van Perth zijn ze echt met alle partijen in gesprek gegaan, zowel de community als de stakeholders.
De community bestaat onder andere uit Joe Public, de Jan Modaal van Perth. Het beeld is er dat de ‘Australian dream’ bestaat uit een huis op een grote kavel, 4×2, waarbij het gaat om vier slaapkamers en twee badkamers per woning. Geen gestapeld wonen in hogere dichtheden is onbekend. Om te verdichten rondom knooppunten zijn verschillende beelden bij.

Volksraadpleging

Een van de interventie die zij hebben gedaan is ruim 1000 inwoners geïnterviewd over welke beelden zij hebben bij Transit Oriented Development. De inwoners kwamen met name met Singaporese beelden van hoogbouw. De stakeholders hadden er een ander beeld bij. Door met elkaar in gesprek te treden nam het NIMBY (not in my backyard) effect af. Er was zelfs meer behoefte aan dergelijke nieuwe typen woningen voor schoolverlaters, alleenstaande ouderen en mensen die kleiner wilden wonen. Een nieuwe markt is uiteindelijk in Perth ontwikkeld.
Daarna zijn er workshops met bewoners gehouden op basis van vier scenario’s, van een absolute spreidingsmodel tot een concentrisch model van verdichting. De aanpak van het vroegtijdig betrekken van bewoners bleek uitermate succesvol te zijn.

Stedelijke herverkaveling en Glamour Manifest

Daarna waren er kleine intro’s voor drie parallelsessies. Mijn parallelsessie ging over nieuwe verdienmodellen en strategieën voor vastgelopen grote megalomane plannen. Stedelijke herverkaveling is een stedelijke variant op de ruilverkaveling in het buitengebied, om gebiedsontwikkelingsprocessen een privaat-privaat instrumentarium te gaan bieden. Hiervoor ligt een initiatief in de tweede kamer. Daarbij kan de overheid een stapje terug doen en kan de markt met een nieuw instrumentarium aan de slag. Het Glamour manifest is een initiatief om op Amstel 3 de neuzen weer dezelfde kant op te krijgen. Niet snel geld verdienen, maar alle gebiedspartijen met elkaar in gesprek te laten gaan door een gezamenlijk platform te ontwikkelen. Twee inspirerende inleidingen.

Oogsten voor de Zaancorridor

Tot slot werd plenair het ‘laaghangend fruit’ door Felix Rottenberg opgehaald, hoe vervelend hij de term ook vond. De conclusie van de bijeenkomst was toch wel dat het meer gaat over de organiseren van onderaf, vanuit belangen en niet vanuit verantwoordelijkheden en daar een vehikel of platform voor organiseren dat ruimte laat voor partijen die nieuw zijn. Natuurlijk gaan we om ervaring voor de Zaancorridor met de Gouden Draak naar Perth. Daarnaast zie je de worsteling van overheden die gevangen zitten in hun eigen instituties en eens ontwikkelde denkbeelden, zoals een stedenbouwer vooral verstelde waarom het 20 jaar geleden het plan  zo in elkaar gestoken was. Ook waren het vooral de on aanwijsbare en onbenoembare regels die voor belemmeringen zorgden. De gebruikers van de stad en de treinreizigers komen niet voor in die verhalen, terwijl zij dagelijks de echte belemmeringen ervaren. Veel goede intenties om TOD Zaancorridor verder uit te werken, een betere Nederlandse beeldende en aansprekende naam is dan wel noodzakelijk.  Van samen plaats maken was dan ook nog niet bij iedereen sprake. De focus gaat meer liggen op de Zaancorridor en er gaat mogelijk een G1000 komen. Maar een kijken hoe deze trein volgend jaar verder gaat.

Pattie Nelson life 1948

Hoe wonen en leven we over 30 jaar?

Hoe willen mensen nu en in de toekomst wonen en leven? Beleidsmatig slaan we elkaar met allemaal vragen om het hoofd. Op dit moment denken we na over wat te doen met de sociale woningbouw, de rol van de corporatie, gemeente en bewoners, gebruikers van het vastgoed. Ook worden er regionale verschillen geconstateerd. De meningen lopen hierover uiteen. Gaat wonen een full service product worden met energie, financiering etc, of gaan we meer “doe het zelven”. Zijn we weer op zoek naar overzichtelijke woongroepen en gemeenschappen? Klopt de voorraad nog bij de toekomstige vraag? Deze en ook andere vragen worden nu onderzocht samen met Platform31 en het YURPS programma bespraken wij deze vraag onlangs in de Moestuin Amelisweerd in Utrecht, een heel bijzondere locatie om trouwens eens af te spreken (bezoek hun site hier).

Tegelijkertijd ontving ik van mijn ouders een reeks ingebonden boeken van het magazine LIFE van zo omstreeks 1950. Er staan prachtige artikelen in over het leven van toen, rijkelijk geïllustreerd met mooie foto’s en geweldige reclames. Destijds had mijn opa de bladen zorgvuldig bewaard en ingebonden. Een uitgave kostte destijds 80 cent. In onderstaand bericht even een beeld van hoe het leven er in 1948 er ongeveer uit kon zien. Hoe anders was het leven toen? Onderstaand een artikel van de 20 jarige Pattie die niet naar de stad hoeft, want ze heeft een goed leven op het platte land.

Het leven in 1948

In de editie van 2 augustus 1948 met de titel “on the beach”, gaat het artikel over het leven de mooie blonde Pattie Nelson uit Longmont. Niet 30 jaar vooruit, maar dus even 60 jaar terug in het leven. Pattie, zo zegt LIFE, is een small-Town girl van 20 jaar en is dochter van de fotograaf uit Longmont, northern Colorado. Longmont is een kleine stad met ongeveer 12.000 inwoners. Ze heeft ervoor gekozen om niet op banenjacht te gaan, maar heeft de voorkeur voor een vriendelijke stad met comfortabele huizen en brede straten. Het voordeel is dat je iedereen kent en alles is zo ongeveer op tien minuten afstand. Het gebied biedt haar voldoende werk, ruimte voor recreatie en een gebalanceerd leven. Geen slapeloze nachten voor haar.

Ze woont in een groot white house en loopt in ongeveer 10 minuten naar de winkel van haar vader waar ze werkt. Ze wacht op klanten, ontwikkelt filmpjes en maakt foto’s onder supervisie van haar vader. . Tussen de middag loopt ze naar huis om te lunchen. Na het werk gaat ze naar een familiemusical, wanneer die er niet is, leest zij de krant of een tijdschrift. Haar regelmatig leven van door de week wordt in het weekend even onderbroken. In het weekend gaat ze op stap, naar de film, kaarten of skiën in de hoge bergen. Ook schrijft ze brieven of krijgt een gedicht van geliefde toegezonden. Een echte carrière in de fotografie heeft ze niet. Eigenlijk wacht ze op juiste jongen om mee te trouwen en een gezin te stichten.

 

wonen en leven 2

 

 

burgerinitiatieven en aansprakelijkheid

Lezenswaardig werk, regel die burgerinitiatieven

Het vakblad Stadswerk heeft ons boek Regel die burgerinitiatieven gerecenseerd als lezenswaardig werk. Een mooie opsteker voor ons. Hierbij de recensie. Aanleiding voor het boek was een vraag van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, team burgerschap. Bij het team kwamen steeds meer vragen binnen op het gebied van aansprakelijkheid bij burgerinitiatieven. Het ministerie wilde graag weten hoe aansprakelijkheid werkt bij burgerinitiatieven. Het boek beschrijft de werking van aansprakelijkheid aan de hand van vijf thema’s, namelijk:

  • burgerinitiatieven en aansprakelijkheid bij groenbeheer
  • burgerinitiatieven en aansprakelijkheid bij spelen en speelvoorzieningen
  • burgerinitiatieven en aansprakelijkheid bij beheer van gebouwen
  • burgerinitiatieven en aansprakelijkheid bij leegstaande panden en braakliggende terreinen
  • burgerinitiatieven en aansprakelijkheid bij evenement of feestje.

Ook een boek bestellen?

Het boek is uitgegeven door Acquire Publishing en te bestellen via deze link kom je bij het bestelformulier.

 

Wilt u meer weten neem dan direct contact met ons op.

vergezicht

Vergezichten van het wonen

Op dit moment wordt de volkshuisvesting geregeerd voor de wetswijzigingen de Novelle en het woonakkoord. Voor de langere termijn zal er toch echt een ander beeld moeten (gaan) ontstaan.

De regio Noord-Limburg bijvoorbeeld waar ik meewerk aan een nieuwe structuurvisie Wonen voor de regio, is er zicht op de bouwproductie. Noord-Limburg is nog geen krimpgebied. Tot 2030 is het nog nodig om woningen aan de voorraad toe te voegen, ook aan de sociale voorraad. Daarna zet de huishoudenskrimp in. De bevolkingskrimp zet al eerder in, maar door de toename van het aantal eenpersoonshuishoudens blijft er voor de middellange termijn nog een behoefte, ook in de sociale woningvoorraad.

Volkshuisvesting in 2030, hoe zou dat eruit moeten zien? Wat zijn de regionale verschillen? Wat te onttrekken uit de voorraad en wat is zinvol om voor de komende 50 jaar nog toe te voegen? En moeten we nog eigenlijk net iets verder kijken?

Op dinsdag 23 september 2014 organiseert Platform31 een YURPS-bijeenkomst over vergezichten van het wonen. Ik hoop vanmiddag hierop meer antwoorden te krijgen tijdens de bijeenkomst en een breder gezamenlijk beeld te kunnen ontwikkelen.

 

Vertrouwen bij bottom-up initiatieven Roof Garden Arnhem

Voor de derde keer hebben inwoners van Arnhem het dak van een parkeergarage tijdelijk in gebruik genomen. De parkeergarage ligt in het gebied Binnenstad Zuid (voorheen project Rijnboog) Gedurende de zomer wilden de bewoners graag de stad een stukje aantrekkelijker maken. Zes weken lang was er elke dag wat te doen. Een typisch pop-up festival, een opkomend trend waarover gastspreker Joop de Boer van het bedrijf Pop-up city ook sprak tijdens de Week van de Openbare ruimte in Putten en waarover de debatsessies gevoerd werden hoe hiermee als overheid mee om te gaan.

bottom-up Roofgarden Arnhem

Het fenomeen roofgarden is buiten Nederland wel bekender. Vaak in grote steden hebben restaurants, hotels en cafés een dakterras ingericht als tuin omdat op er op straatniveau geen ruimte voor is. Gasten kunnen lekker genieten van het weer en een drankje, en zijn uit de drukte van de stad. Het initiatief wordt daarbij genomen door de eigenaar van het pand. De uitbater ziet daarbij de mogelijkheid zijn pand efficiënter te gebruiken. In Nederland komen bewonersinitiatieven daarentegen vaak in de openbare ruimte voor, minder vaak in gebouwen, laat staan tijdelijk op het dak van een parkeergarage. Dit zou weleens gedoe kunnen geven. In het boek Regel die burgerinitiatieven wordt beschreven hoe je om kunt gaan met die risico’s.

In Arnhem is het anders. Arnhem is een creatieve stad en dat merk je. Het bruist van de initiatieven in het centrum. Het grootschalige project Rijnboog is stil komen te vallen en gaat verder als het project Binnenstad Zuid waarbij het gebied stap voor stap wordt opgeknapt. De gemeente heeft veel vastgoed in haar bezit, en langzaamaan worden de lege gebouwen gevuld met tijdelijke gebruikers.

De Roof Garden Arnhem is daarbij een mooi voorbeeld. Op het dak van parkeergarage tussen de Langstraat en de Kleine Oord is op de 7e verdieping van de garage het dak mooi inricht en krijgt een geweldig uitzicht over de stad. Het is zo gek niet te bedenken of het staat op het dak, ontworpen en gemaakt door een Arnhemse ontwerpers of ondernemers. Bar, hottub, kachels, toiletten, moestuinen met kruiden, zonnepanelen om zelfvoorzienend te zijn, fruitbomen voor de stadslandbouw en overkappingen om veilig te kunnen schuilen. Ook een kippenren met een echte haan mocht hier niet aan ontbreken. De initiatiefnemers willen een hotspot bieden voor de jonge en creatieve ondernemers waarbij de beste lokale initiatieven samenkomen.

De initiatiefnemers organiseren het met een grote groep vrijwilligers en er is een grote programmering. Er is te veel om op te noemen Elke dag zijn er meerdere activiteiten, zoals een lezing, een film, een silent disco en ook fitness en optredens van bekende artiesten. Tal van Arnhemse ondernemers zijn erbij betrokken en helpen mee aan deze programmering. Alles groeit jaarlijks op het dak, het aantal dagen van het evenement, de bezoekers en het netwerk aan vrijwilligers. Om overlast te beperken is er ook een vrijwilliger in het team die verantwoordelijk is voor het omgevingsmanagement. Over de bezoekers zijn geen harde getallen. Naar schatting komen er gemiddeld dagelijks 350 mensen genieten van het uitzicht!

Tijdelijk te gast, welkom buurt!

Lisette heeft als omgevingscoördinator gewerkt en heeft gedurende het evenement twee doelstellingen gehad. Het beperken van de overlast, maar bovenal het betrekken van de omwonenden bij de activiteiten op het dak. Zij vertelt dat de omwonenden, binnenstadsbewoners, allemaal op een andere manier tegen Roof Garden Arnhem aankijken. De ene buurvrouw zag het als hip en groen verlengstuk van haar balkon (en wilde ook helpen achter de bar), een de andere buurman vond het allemaal best en weer een andere buurman voelde zich, ondanks dat hij Roof Garden heel erg leuk vond, toch wel een beetje te oud voor Roof Garden Arnhem. Het is haar gelukt om de omwonenden kennis te laten maken met de, toch wat verstopte, tijdelijke daktuin en in mindere mate om de omwonenden kennis te laten maken met elkaar.

Gedurende de opening van het dak is het team 24/7 bereikbaar geweest voor buurtbewoners. De meesten hadden er geen last van. Een enkeling heeft op individuele basis contact opgenomen over het geluid (muziek, stemmen en zelfs de haan) en de geur van de aanwezige hottub. Als omgevingscoördinator gaat Lisette serieus met de opmerkingen om. Roof Garden Arnhem is immers te gast in de omgeving. Samen met de bewoners en de organisatie gaat ze op zoek naar oplossingen waarbij het voor iedereen leuk zou blijven. De haan is teruggebracht naar de kinderboerderij en omgeruild voor een hen. De muziek- en filmavonden vinden plaats met hoofdtelefoons (silent-disco en -cinema) en tijdens een live optredens zijn luidsprekers iets gedraaid omdat een buurtbewoner het storend vond. De bewoners waren tevreden met de manier waarop opmerkingen zijn behandeld.

 Hoe regel je dat met vergunningen voor een bottom-up initiatief op een parkeergarage?

Roof Garden Arnhem is voor de derde keer weer opnieuw een succes geweest, aldus Maarten van der Wolf. Ook volgend jaar gaat het weer gebeuren, dat durft hij nu al wel te zeggen. Graag zouden ze nog meer kale daken willen verbinden en vergroenen.

Drie jaar geleden begon het met een idee. Tijdens een pitch bij de gemeente Arnhem gaven zij aan dat het bovenste parkeerdek nauwelijks gebruikt werd en dat ze op eigen initiatief en zonder subsidie heel graag die plek wilden aanpakken. Deze plannen konden (toevallig) makkelijk gelinkt worden aan de doelstellingen van de gemeente die ‘groen en creatief’ graag wilden koppelen aan de stad. Het initiatief geeft grotendeels gratis handen en voeten aan de doelstellingen van de gemeente.

Het gebouw is van het Parkeerbedrijf Arnhem (gemeente) en het dak wordt ter beschikking gesteld nadat de vergunningen rond zijn. Voor de vergunning dienen zij net als alle andere organisaties te houden aan de normale wet- en regelgeving zoals bij horecavoorzieningen, branduitgangen en hygiëne. Het tijdelijke karakter maakt het uniek, evenals de locatie – op een parkeergarage, en ten slotte het werken met vrijwilligers. Het betekent vooral dat in samenwerking met de gemeente Arnhem goed wordt gekeken hoe wetten te interpreteren. “Als er staat dat het horecagedeelte moet beschikken over een goed werkende luchtcirculatiesysteem dan moeten wij ons formeel daaraan houden maar dat is natuurlijk onzin als je in de openlucht staat” aldus Maarten. Door op een zo’n manier de regels te interpreteren heeft de gemeente ons ook enorm geholpen.

Win win situaties

Eerder heeft Roof Garden Arnhem ook een keer een soortgelijk evenement op een ander gebouw georganiseerd (Parkeergarage Velperpoort). Dat was een particuliere parkeergarage. De eigenaar vond het vooral erg leuk en zag kans om zijn parkeergarage in korte tijd in de spotlights te zetten. Door de flinke toestroom van mensen nam de omzet van de bijbehorende tankwinkel toe. Een winwin situatie dus.

Betty Jacobi van de gemeente Arhem over het bottom-up initiatief

De gemeente Arnhem heeft op dit moment veel te maken met Bottom-up initiatieven. Dat is wennen, er zit veel energie in en daar is vaak al meer draagvlak voor dan bij een ‘top-downbenadering’. Bottom-up betekent niet dat de gemeente er ineens geen bemoeienis meer mee heeft, het kost de gemeente juist tijd en energie voor afstemming in de beginfase. Dit initiatief sloot goed aan bij de citymarketing van Arnhem, namelijk groen, creatief en Arnhemse zakelijkheid met een informele aanpak.

Wat ik heb gedaan is dat ik het aan de voorkant heb gestroomlijnd met een kort en krachtige knelpunten en kansen analyse zodat goede interne afstemming mogelijk was. Dit traject was nieuw en lastig voor de organisatie. Ik wilde wel dat avontuur aan, ik geloofde in het plan, en was al bekend met de initiatiefnemers, dat helpt. Als ambtenaar heb ik mijn nek uitgestoken voor het initiatief.

Voor het gesprek met de afdeling verkeer had de initiatiefnemer (waren er in eerste instantie twee) zich al goed voorbereid. Het tijdelijk bezetten van een parkeergarage was geen probleem. Zij hadden op verschillende tijden de bezetting inzichtelijk gemaakt, waarmee aantoonbaar was dat een tekort aan parkeerplaatsen voor deze periode geen probleem was, ook niet op piekmomenten. Aangezien de gemeente eigenaar is van de garage, is snel daarna contact gezocht met de verantwoordelijk wethouder. Naar het vinden van oplossingen voor de belemmeringen is het college hiervan op de hoogte gebracht en heeft ingestemd met het initiatief.

Om risico’s te beperken is een evenementenvergunning verleend en er is veel controle geweest waardoor er goede afstemming is. Ook de initiatiefnemers waren ervan bewust dat zij geen missers konden maken.

De gemeentelijke lessen bij Bottom-up

  • vertrouwen in initiatiefnemer
  • durf te experimenteren!
  • korte kansen en knelpunten analyse en nagedacht over risico’s
  • het organiseren van interne afstemming met oa verkeerskundigen (en andere beleidsafdelingen en uitvoering &vergunningen), vergunningen en politiek

Dit artikel over bottom-up initiatieven is ook verschenen in de novembereditie van het blad Straatbeeld van Acquire Publishing. Heeft u vragen, een voorbeeld of wilt u meer weten over het artikel of bottom-upinitiatieven, neem dan contact met me op.

Dorsphuis Hollandse Rading

Opening dorpshuis Hollandse Rading

Dorpshuis aan het Vuursche pad

Het dorpshuis fungeert als een belangrijke schakel in het sociale leven van Hollandse Rading. Het biedt ruimte aan uiteenlopende activiteiten voor jong en oud, voor Bridgers, een kookclub en de yoga en nog veel meer. . Op 17 mei a.s. zal de officiële opening plaatsvinden. Ik kijk terug op een mooi proces ben dan ook benieuwd hoe het uiteindelijke resultaat is geworden. Er is niet alleen een nieuw dorpshuis gekomen, ook het plein is opnieuw ingericht en er is een wandelpad (waadpad) aangelegd.

Op dit moment heeft Hollandse Rading een tijdelijk dorpshuis. In 2005 moest het dorpshuis namelijk uit het bestaande gebouw vertrekken omdat het gebouw op instorten stond. Er zou een onveilige situatie ontstaan. De porto cabins waren maar tijdelijk. Het is dan ook hard nodig zij er na 9 jaar weer een nieuw onderkomen is.

Het dorpshuis staat aan de oostkant van het spoor. Hollandse Rading wordt doorsneden door het spoor. Het huis neemt een centrale plek in binnen de gemeenschap. Gebruikers van het dorpshuis wilden dan ook maar al te graag meepraten over het nieuwe huis. Hiervoor hebben we dan ook de ruimte gekregen.

Er moest een plan gemaakt worden voor een Dorpshuis en een nieuw ontwerp van een dorpsplein. Daarnaast was de gemeente in overleg over de inpassing van een wandelpad. De bewoners hadden zelf ook duidelijk welke zaken zij terug vinden zien. Zo is er veel overlast van wielrenners die hard langs de school over het wandelpad fietsen en het dorp inkomen. Ook was de tennisvereniging betrokken, want er moest voldoende ruimte overblijven voor het jaarlijkse oranjefeest.

Participatie met gebruikers

Eerst zijn alle wensen verzameld. Ook de wensen hoe de bewoners aangehaakt wilden zijn bij het proces. Er is een kopgroepje gemaakt van mensen die met het ontwerp van het gebouw aan de slag gingen en er is een werkgroep ontstaan rond de buitenruimte. Ook de Bosbergschool was aangehaakt. Het dorpshuis en de school zijn buren van elkaar. De school wilde met name betrokken zijn om de kinderen veiligheid te bieden.

Mulders en VandenBerk Architecten

Meedenken over de inrichting van het gebouw, betekent ook meedenken over de selectie van een architect die begrijpt welke eisen en wensen de gebruikers hebben. Samen met de wethouder, 3 bewoners en 3 verenigingen hebben vier architectenbureaus hun ideeën en bureau gepresenteerd. De bewoners en verenigingen waren erg gecharmeerd van Joost Mulders en Chris van de Berk van het bureau Mulders en Van den Berk architecten (klik hier voor hun projectpagina) uit Amsterdam. Zij bedachten een aansprekend concept met brede vensterbanken, waar je zowel buiten als binnen in kunt zitten. De buitengevel kreeg een grote luifel mee, waar mensen nog even kunnen napraten. Na de selectie ontstond een mooi gesprek over de inrichting van het pand. De bewoners kwamen met goede oplossingen die Joost en Chris hebben verwerkt in het ontwerp.

Voor de buitenruimte waren andere vraagstukken. Hoe ga je die gebruiken? Wat willen de kinderen. Samen met de Bosbergschool hebben de kinderen een vragenlijst gekregen over wat zij verwachten van hoe zij willen spelen. Daarnaast zijn we met de werkgroep in overleg gegaan welke type beplanting zij voorstelden. Samen met Mariëlle Versteeg (oa. Jantje Beton) hebben we hier invulling aan gegeven. Door slimme ingrepen, zowel voor het parkeerplaatsen, de fietsenstalling van de school als ook de mogelijkheden voor een ijsbaantje.

Door slim planologisch onderzoek was een lange procedure niet nodig. Het bestemmingsplan bevatte een bevoegdheid om binnenplans zaken mogelijk te maken. Door het parkeren op een slimme manier op te lossen wisten wij binnen deze regels te blijven. Ook door het slim schuiven van het gebouw, zijn 4 mooie bomen gespaard gebleven (in het ontwerp).

Opening Dorpshuis

Over nog geen twee weken in de officiële opening. Toch altijd spannend, na jaren van plannen en begeleiding. Krijgt het gebouw een eigen naam? Wie zijn de uiteindelijke gebruikers geworden? Ben benieuwd naar het uiteindelijke resultaat, hoe de gebruikers het beleefd hebben en of het nieuwe gebouw bevalt. Het is vanaf 1 mei in gebruik.

Wachtlandschap Thialf Arnhem

Zelf doen! Burgerparticipatie in de Week van de Openbare Ruimte

 

Zelf doen! Daar gaat het om op het congres van de Week van de Openbare Ruimte. Maandag 7 april 2014 begint in Kasteel De Vanenburg in Putten georganiseerd door Bedrijfsleven en gemeenten ontmoeten elkaar gedurende vier dagen om kennis op te doen en inspiratie te putten als het gaat om de openbare ruimte.

De Week is ingedeeld in vier themadagen, rond infra & ondergrond, groen, licht en verlichting, ontwerp & inrichting en sport & spel. Samen met Mark Verhijde organiseer ik iedere dag meerdere debatsessies over burgerparticipatie.

Burgerparticipatie? Hoezo burgerparticipatie op de Week van de Openbare Ruimte? Dat gaat toch vooral over beheer, ontwerp en inrichting, maar toch niet over burgers? Onzin, vinden wij. Die openbare ruimte is allang niet meer alleen van gemeenten, adviesbureaus en aannemers. Tegenwoordig zijn het bewoners, gebruikers en bezoekers, die zelf aan de slag zijn met hun groenproject of hun tijdelijke moestuin. Tijd daarom voor een frisse wind in Putten.

Voorbeelden. Op iedere themadag houden we drie debatsessies over burgerparticipatie, naast de vele werksessies die je als bezoeker kunt meemaken. Zo komt op maandag 7 april het zelfsturingsplan Groot Merselo in Venray aan de orde, met als centrale vraag: kunnen bewoners ook in de uitvoering van een herstructurering van een straat meewerken? Op vrijdag 11 april staan de speeltuinverenigingen in Geldermalsen centraal, want hoe doen die bewoners dat beheer en wat zien we na tien jaar zelfwerkzaamheid? Ook het voorbeeld van het Buurtbeheerbedrijf Sluisdijk in Den Helder en de Unieke Brink in de wijk Wesselerbrink, Enschede komen langs. Theo van Wijk vertelt over het burgerinitiatief de Schatkamer Domplein in Utrecht en Atto Harsta van Aldus bouwinnovatie gaat spreken over Wachtlandschappen in Helmond en Almere.

Een echt debat. Alleen wat voorbeelden laten zien is niet genoeg, halverwege de werksessie is het de beurt aan de zaal. . Naast vragen en opmerkingen worden de discussies gevoerd aan de hand van stellingen, die de vinger op de zere plek leggen. Want zeg nu zelf: met zo’n buurtbeheerbedrijf binnen de gemeentegrenzen ben je toch spekkoper? Of niet? Aan de hand van dit soort stellingen laten we de deelnemers, de aanwezige exposanten en de aanwezige burgers stevig met elkaar in discussie gaan.

Van statement naar agenda. Uit de debatsessies komen diverse statements. Mark Verhijde en ik maken daar een agenda voor 2014 van. Want praten over burgerparticipatie is leuk, maar er moet ook iets gedaan worden.

Meedoen? Inschrijven voor de Week van de Openbare Ruimte en deelnemen aan de debatsessies over burgerparticipatie gaat via de website. Acquire Publishing en ExpoProof, de organisatoren van de Week van de Openbare Ruimte, bieden een korting van € 50,- op de inschrijving voor één of meerdere themadagen. Dat betekent dat je niet € 245,- betaalt maar € 195,-. Wil je gebruik maken van deze korting? Stuur dan een email  aan Acquire Publishing: eugenie@acquirepublishing.nl. Ik hoop dat je meedoet in Putten in april.